Trouw | Strijder

Column
Het zal u niet ontgaan zijn dat het vandaag maandag is – maar dat komt vaker voor – en 6 juli ook. Dat zal voor u ook niet veel meer betekenen dan een datum op een kalender, voor mij is dat anders. 91 jaar geleden werd namelijk mijn moeder geboren, en het feit dat zij later vandaag samen met mijn jongste broer naar de supermarkt zal lopen om deze krant te kopen, het feit dat ze elke week mijn column op deze plek leest, het feit dat wij haar nog steeds elke dag bij ons hebben maakt me meer dan blij.
Ik denk vaak aan de plek waar ze vandaan komt, Cappagh, miniem dorpje dichtbij de Ierse westkust, aan alles wat ik zelf van mijn Ierse wortels heb meegekregen, en ook aan haar ouders, mijn granny en grampa. Zíj was een vrouw die een negental kinderen ter wereld bracht, in haar latere leven steeds kleiner leek te worden (mijn moeder zit in een vergelijkbare gewichtsklasse) en altijd bezig was. Ik heb haar eigenlijk nooit zien zitten, zelfs niet als iedereen in de extended family van eten en drinken en aandacht was voorzien. Ze bewoog, vloog, praatte, lachte en vulde de kamer met energie en liefde. Mijn moeder beweegt sinds kort wat minder, en minder intensief, maar de energie, de zin in (het) leven is er nog net zo hard.
Mijn opa, James Dawson, heb ik maar een jaar of tien gekend, maar heeft grote indruk op me gemaakt. Door zijn stem – loud and booming -, zijn fysiek, het feit dat hij ‘de baas van de politie’ was, maar vooral omdat hij, in zijn jonge jaren, vrijheidsstrijder was. Zich verzette tegen overheersing, bezetting en onrecht. En ik me later realiseerde hoe vaak heersende machten verzet, bijvoorbeeld tegen hun macht, weten om te vormen tot iets lelijks. Bijvoorbeeld omdat ze de luidste stem in de media zijn, bijvoorbeeld omdat alles dat zich tegen hun macht verzet wel fout móet zijn.
En zoals in bijna alles is de grote oranje kleuter in het Witte Huis ook hier weer de overtreffende trap (van), iedereen die hem niet likt en prijst en de ruimte geeft is misdadig en krankzinnig en rijp voor deportatie en …
James Dawson was lid van de Irish Volunteers, en later van de Irish Republican Army. Zij verzetten zich tegen de (eeuwenlange) Britse overheersing van Ierland, het onderdrukken en uitbuiten en uithongeren van een volk, het vernietigen van een cultuur en religie en taal en volksaard. En inderdaad, u kent de IRA uit de laatste decennia van de vorige eeuw, als terreurorganisatie, als tuig dat onschuldige mensen en politici aanviel. En dat komt, los van de wandaden die inderdaad gepleegd zijn, omdat de Britse overheerser bepaalde wíe de terroristen waren, en daarmee de aandacht weg wist te houden van vergelijkbare wandaden van UDA, UVF, en special forces van het Britse leger. En als u paralellen ziet met de macht van oorlogsstaat Israel, en het verzet van Palestijnen en anderen, dat is geen toeval.
Ik ben trots op mijn opa, en mijn moeder heeft zeker iets van zijn strijdlust aan mij weten door te geven.
Happy birthday, Enda!
Laatste columns
Vroege Vogels | No Waste...
Column
Afgelopen weekend werden overal in ons land evenementen, bijeenkomsten en festivals afgelast wegens de gevolgen van de klimaatcrisis. Tuurlijk, het kwam in het nieuws als hittegolf, en later als daaruit voortkomende onweerssituaties, maar u en ik weten oorzaak en gevolg.
Twee politieke details: los van alle ellende vind ik het nogal grappig dat een partij die al decennia serieus klimaatbeleid tegenwerkt of traineert, de VVD inderdaad, zich nog steeds graag als vroemvroem-partij afficheert, om de Telegraaflezer en de autobezitter met struisvogelneigingen in de achterban te behouden, dat die partij te dealen kreeg met hitte die zo ernstig werd dat op vele plekken het asfalt van snelwegen smolt, waardoor ze alsnog de fiets moesten nemen.
Minder leuk, maar ook waar: een nog klimaatontkennender partij, – bekend van de lebbisenjansen-grap uit 2023 ‘heeft Joost Eerdmans werkende hersencellen?!’ ‘Ja, 21’ – wisten zaterdag wel bij elkaar te komen, waarbij als eis voor samenwerking met het kabinet-Yesilgoz sorry –Jetten ondermeer ‘lagere belasting op benzine en vliegen’ werd gesteld, en anders moesten Rob en de zijnen ‘maar in het reddingsbootje van Jesse stappen’. Dat je als partij middenin de uitwassen van genoemde crisis in een airco-zaal bij elkaar komt en dan dit weet uit te brengen – maak fossiel goedkoper uitroepteken – en niet eens door hebt dat dat bootje een nogal mislukt grapje is als je ook maar gewoon het smeltende ijs en de stijgende zeespiegel negeert, het is van een breinsplijtende domheid.
Maar goed, laat me ook wat positiefs te berde brengen. Wat namelijk ook gewoon doorging waren mijn voorstellingen, oudejaars 2026. In kleine zaaltjes in Den Haag en Holten en Blaricum zelfs. Ik ben activistischer dan ooit, en dat heeft te maken met het bovenstaande – een crisis die leven en overleven beinvloedt, een politieke macht die vooralsnog kiest voor economische groei en agrobelangen en angstvallig vasthouden aan fossiel – maar ook met bedreigingen van de democratie, in de VS natuurlijk, maar ook veel dichter bij huis, en de toenemende macht van techbedrijven, politiek, economisch, sociaal, menselijk. Ja, dat klinkt als heavy stuff, maar ondertussen wordt er ook dik anderhalf uur achter elkaar heel veel gelachen. Zelfs in zaaltjes waar de temperatuur rond de dertig graden leek te komen.
In Blaricum gebeurde iets opvallends. Een man achterin de zaal vroeg me letterlijk om oplossingen, een vrouw op rij drie zei ‘Dolf, hoe moet het met onze kinderen?’ Nadat ik eerst duidelijk had gekregen dat ze niet onze gezamenlijke kinderen bedoelde – ik heb ooit wat wilde nachten gehad in de regio Blaricum-Crailo, meen ik me te herinneren – kon ik bieden, en alle andere dappere cabaretliefhebbers, uitleggen dat ik spreek over wat me bezighoudt, wat me raakt, waar ik me zorgen om maak, en dat ik op al die podia sta voor de satire, de lichte toon waar mogelijk, de grap waar nodig.
Maar ook dat ik vind dat we allemaal wat te doen hebben, voor de democratie, bijvoorbeeld, tegen die klimaatcrisis zeker ook. Ik noemde dingen die voor de hand liggen, als niet of minder vliegen, minder meuk aanschaffen, geen of minder vlees en zuivel nuttigen, en veel minder nieuwe kleding aanschaffen. Allemaal niet al te grote offers, met in totaal een serieus grote impact. Waarbij ik een paar mensen op rij 1 de tip gaf nog een keer kleding te gaan kopen, maar dan samen met iemand mét smaak.
Toen ik thuiskwam trof ik de doos van No Waste Army, die we vier keer per jaar ontvangen. Simpel gezegd: heel veel groente en fruit, overproductie in een bepaalde periode, die anders doorgedraaid zou worden, wordt vermaakt tot fijne en onverwachte producten. Ditmaal bijvoorbeeld aardappelbasilicum-pasta, knolselderij crackers, limoen sprankeldrank en pastinaak chocospread. Een kleine 107.000 kilo groente en fruit werd op deze manier gered, en omgezet in lekker en onverwacht eten en drinken.
Ze verwerken bij genoemde Army te klein of te kromme groentes, snijafval, voedsel dat tegen de houdbaarheidsdatum aanzit en bijproducten uit een productieproces.
En eerder dit jaar werd de Nationale Aardappelweek bedacht, om een overproductie van 500 miljoen kilo aardappels een goed heenkomen te bezorgen.
Het is maar één voorbeeld van de vele honderden initiatieven en bedrijven die oprecht bezig zijn met duurzaamheid, minder verspilling, meer behoud. Dus ook daar zijn mogelijke acties, mogelijke oplossingen te vinden. Niet alleen voor iemand als ik die er zo vaak hongerig uitziet.
Fijne zondag!

Laatste columns
Trouw | Hitteplannen

Column
Op een moment dat een aantal dagen met een graadje of 25 klinken als verkoeling, gooi ik graag even een beeldspraak tegen u aan. Stel, door een foutje in het afvoersysteem loopt uw bad eerst vol en dan over. De kraan klokt vrolijk door, u heeft de stop er echt uitgepeuterd, maar het water gutst over de rand. Wat gaat u doen? U legt badhanddoeken om het bad heen, dweilt water op, haalt zo’n serieuze vloerwisser uit de berging, maar het bad blijft overstromen. U waarschuwt iedereen in huis, dat ze rekening moeten houden met wateroverlast, regelt een paraplu en laarzen voor de benedenburen, en waarschuwt de hele straat via de buurtapp voor Code Blauw. Dat is een systeem dat een jaar of 15 geleden is bedacht om iedereen te waarschuwen dat er weer eens een bad overloopt, zodat iedereen zijn gedrag kan aanpassen.
Ondertussen klokt de kraan vrolijk verder en tot (bijna) ieders verbazing wordt het huis natter en natter. U realiseert zich dat nogal wat mensen in uw omgeving u al jaren waarschuwden voor een combinatie van hardspuitende kranen en matige afvoer, en alle schade die dat zou kunnen opleveren, maar dat heeft u toen weggelachen als ‘alarmisme’ of zelfs ‘woke gelul’, en u kunt zich nog steeds niet voorstellen dat u er toen naast zat.
Iedereen met meer dan 12 werkende hersencellen schreeuwt nu DRAAI DIE KRAAN DICHT!, maar dat dringt niet echt tot u door. Nee zeg, een kraan is er toch om water te geven, en als u zin heeft mag u toch zeker lekker badderen en al dat water dat nu via twee trappen naar de achtertuin stroomt is trouwens best goed voor de plantjes.
Dit, geachte maandagochtendlezer, is mijn beeld van het klimaatbeleid (of eigenlijk het volstrekt ontbreken daarvan) van het huidige en de vier vorige kabinetten. En inderdaad, er is een partij die in al die kabinetten leidend was, in het vorige kabinet was de toenmalige kroonprinses van die partij, Hermans, zelfs minister van Klimaat etcetera.
Het is werkelijk gekmakend dat zelfs de afgelopen week, en alle korte- en langere termijn voorspellingen, de economische schade die volstrekt duidelijk is, en alleen maar gaat verveelvoudigen, en de sociale en medische ontwrichting die nu al opdook (op een moment dat een land driehonderd kilometer naar het zuiden al deels onleefbaar werd) op geen enkele manier invloed lijkt te hebben op de politieke realiteit. En daarmee hoognodig beleid onmogelijk maakt. Er worden codes uitgerold, waarna blijkt dat scholen, werkgevers en vele anderen geen idee hebben wat ze er precies mee moeten, er is geen enkele urgentie om het meest bedreigende probleem van onze generatie aan te pakken. De krankzinnige fossiele subsidies blijven stromen, er wordt gekeken of er een miljard is om een Brabants dorp op te offeren aan verdere industrialisatie, en binnen de kortste keren zullen extreme hoeveelheden energie naar de tech- en AI-sector gaan stromen, naar datacentra een aanverwante, want economie, want vestigingsklimaat…
De klimaatcrisis is een sociaal, een medisch, een economisch en binnenkort zelfs een voedselprobleem. En het VVD-kabinet Jetten gaat nog wat droge handdoeken lenen. Hoewel de beeldspraak binnenkort onmogelijk wordt, als we ook een watertekort gaan krijgen.
Laatste columns
Trouw | Wereldnieuws

Column
Als je, zoals ik, de afgelopen 12 dagen op een eiland (Terschelling) en ondergedompeld als onderdeel van een festival (Oerol) bent, zou het zomaar kunnen dat het nieuws wat aan je voorbij gaat. Maar soms is er toch reden je door iets te laten raken, je in iets te verdiepen.
Ik las in deze krant het nieuws over de Eindhovense carnavalsmuzikanten De Kachelpijpen, die in een juridisch gevecht verzeild zijn geraakt met twee van de succesvolste liedjesschrijvers uit de geschiedenis van de popmuziek, Benny Andersson en Björn Ulvaeus, de twee B’s van Abba.
Waarom, hoor ik u vragen. Omdat de heren Kachelpijp een liedje van Bjorn&Benny hebben vervormd tot iets dat het juist in carnavalsmenigtes goed kan doen, en ook veel voorkomt, in casu een ‘dikke pens’. Het probleem is dat B&B het nooit goed vinden dat iemand ook maar iets van hun muziek gebruikt, of ook maar iets met hun muziek doet. Behalve natuurlijk laten uitvoeren door hologrammen, maar goed, dat zijn ze natuurlijk eigenlijk zelf. Samen met Agnetha en Annifrid.
Ik heb het betwiste nummer niet (bewust) gehoord, er zijn grenzen aan wat ik voor u overheb, maar dat de Kachelpijpers woordkunstenaars zijn lijkt me wel duidelijk, als je hun motto hoort: het enige wat ik nog doe is roken en uitgaan. Top! Er had wellicht ook nog iets ingezeten over hoe heet ze zijn als je in hun buurt komt. Maar goed, B&B hebben vernomen dat Dikke pens gebaseerd is op hun onvergetelijke Take a chance on me, en kunnen er gewoon niet mee leven dat een lied dat gaat over ‘verliefdheid, loyaliteit en onzekerheid’ nu wordt gebruikt als een soort eerbetoon aan de omvangrijke buikpartij van gastzanger René van Rooy.
Waarom juist dit nieuws me raakte? Terwijl ik deze column schreef, in de tuin van ons huisje buiten Midsland, werd mijn tuin en denken elke keer weer overspoeld en verstoord door de geluiden van het terras van een ‘feestcafe’ zeker twee kilometer verderop. Waar werkelijk zonder aanziens des artistieke waarde de ene na de andere afzichtelijke vernederlandste cover werd afgevuurd. Ik herkende mooie liedjes van Beach Boys en Beatles en Human League, natuurlijk afgewisseld met Engelbewaarder en Vamos a la playa (ook met een luidkeels meegebrulde Nederlandstalige tekst, die ik helaas niet kon verstaan, omdat ik toen al in foetushouding onder mijn dekbedovertrek lag). Het was hard, het was veel, het was vast heeel gezellig, maar ik zat voor mijn rust in mijn tuin, me voorbereidend op de twee voorstellingen van die dag.
IK WIL DIE HANDJES ZIEN hoorde ik de vocalist brullen. Ik antwoorde: weet je wat ik wil zien? Dat je je microfoon 15 meter onder de grond begraaft, mij nooit meer lastigvalt en de rest van je leven in de zorg gaat werken! Niemand luisterde naar mij, en bij het ‘feestcafe’ werd het alleen maar gezelliger.
De heren Kachelpijp hopen ondertussen op coulantie van Universal, de platenmaatschappij, en Bjorn en Benny, en proberen ondertussen hun juridische kosten betaald te krijgen met crowdfunding en speciale merchandise: Free Dikke Pens. Bij dat laatste sluit ik me zeker aan.
Laatste columns
Trouw | Voorbeschouwing

Column
Gistermiddag speelde ik de allereerste voorstelling van mijn Oudejaars 2026, SCHAAMTELOOS. Dat deed ik in Club Haug in Rotterdam, want ik ben gek op tradities. Elk jaar een oudejaarsvoorstelling maken (nu al zo’n 36 jaar achter elkaar), de laatste week van het jaar een keer of zes in de Kleine Komedie staan, minimaal 80 voorstellingen afwerken en dus beginnen in die fijne comedyclub die zo dicht bij de Maas ligt dat hoog water elke show daar tot een doornat en hopelijk hilarisch einde kan brengen.
Hoe dat gisteren ging kan ik u natuurlijk niet onthullen, want mijn maandagcolumn wordt elke week weer op vrijdag bij elkaar getypt, maar op de een of ander manier voel ik, weet ik (bijna), dat er heel veel energie was, heel veel tekst, een bijna constante stroom van associaties, gesprekken met publiek uit (zeg) Spijkenisse of Charlois, momenten van en met poezie, en vooral een allereerste poging om uit te leggen hoe ik naar de wereld van dit moment kijk en waar de bedreigingen zich bevinden, van extreemrechtse politiek tot de macht van techbro’s, van klimaatcrisis tot een economisch model van groei (en dus vernietiging), van het belang van betrouwbaarheid in ons persoonlijk leven en de politiek, tot de vraag hoe dat te verenigen is met de aanwezigheid van Mona Keijzer.
Ik omschrijf mijn eerste paar voorstellingen, elk jaar weer, vaak als ‘blinde paniek’, omdat dat zo’n fijne term is. En ik er oprecht nooit last van heb, omdat ik geen last heb van stress of plankenkoorts, laat staan ‘straks raak ik mijn tekst kwijt’. Als ik over dat laatste zeg ‘ik kan mijn tekst niet kwijtraken, want ik héb geen tekst’, lijkt dat een grapje, maar is het de keiharde en volledige waarheid. Ook weleens mooi in het politieke krachtenspel waar ik hierboven al even naar verwees.
Ik heb ideeën, steekwoorden, een stapeltje nieuwe gedichten, ik heb heel veel dat ik graag wil vertellen, maar weet zeker dat maar een deel, of zelfs een fractie daarvan ook feitelijk verteld gaat worden. Omdat mijn hoofd me een andere kant op stuurt, omdat die meneer uit Schiedam of Katendrecht iets inbrengt waar ik het over móet hebben, omdat ik als (oorspronkelijk) Amsterdammer toch weer een zaal-vol-010 tegenover me tref, omdat het recente overlijden van twee prachtige, bevlogen, activistische én poetische vrouwen, Lieke Marsman en Marjan Minnesma, me ook op dat podium meer doet dan ik van tevoren misschien had verwacht.
Door Club Haug is de kop eraf, zoals dat zo mooi heet, en dankzij de uitzwaaiwedstrijd van Oranje (Algerije-thuis, altijd lastig) weten we ook dat het niet allemaal meteen hoeft te kloppen. Sterker nog, ik speel nog twee van deze paniek-versies in Amsterdam, en dan ben ik alweer op Oerol op Terschelling om daar een heel andere voorstelling te spelen. In het bos, op het strand, in de duinen, in de tuin van een restaurant, op een echt podium ook zo nu en dan. Met natuurgeluiden, hoognodig activisme, en een poging alles dat cultuur en menselijk gevoel en samenzijn zo mooi en belangrijk maakt, te vertalen en mee terug te nemen naar de rest van ons land.
Laatste columns
Trouw | Vertrouwen (2)

Column
Precies een week geleden begon ik op deze plek over vertrouwen, en hoe dat zomaar en ingrijpend geschaad kan worden. Deze plek is trouwens niet helemaal waar, want omdat verspreid over een lang weekend de Heilige Geest over ons werd uitgestort, verscheen er afgelopen maandag helemaal geen papieren krant. Alleen online. Genoemde Geest had logischerwijs geen tijd een krant te lezen, en redacteuren genoten dus van een (welverdiende!) vrije dag. Lekker even helemaal niks in de lucht van barbequende buren, of in een prachtig heuvel- of dijkenlandschap genietend van groepen luidronkende motorliefhebbers.
Even kort: ik werd twee weken geleden in vrij grote omvang befraudeerd. Mijn telefoon-uitbater eindigt op –dido, mijn bank (eindigt op -iodos) belde me (zo leek het) om fraude te melden en voor me op te lossen, een paar uur later was ik (vooralsnog) een hoop geld kwijt.
Kort daarna hadden we twee agenten over de vloer, om aangifte te doen. Een van hen keek wat langer naar me en sprak, nadat zijn collega hem had verteld wie ik ben, toen woorden die ik ga onthouden ‘ik vroeg me al af, heb ik hem nou laatst aangehouden, of ken ik hem ergens anders van?’ Ik heb hem maar niet verteld dat er genoeg collega-artiesten zijn voor wie dat allebei kan gelden, ik heb wel netjes verteld op welk moment het misgaat als je je niet realiseert dat alles dat je ziet en hoort (dát het je bank is die je belt, dat ze heel veel weten van je rekeningen, dat ze zeer behulpzaam en vriendelijk aan jouw kant staan) helemaal niet waar is. Dat het vertrouwen dat je hebt, in instanties, in andere mensen, in elk geval op dat moment op helemaal niets gebaseerd is.
Twee dingen nog: van genoemde telecommer had ik nooit iets gehoord, terwijl het zo bleek te zijn dat de bad guys al mijn gegevens hadden, inclusief bijvoorbeeld het adres van mijn manager die soms van dezelfde bankrekening gebruik maakt. En: iemand die ik goed ken is gisteren voor wetenschappelijk onderzoek naar het buitenland vertrokken, en kreeg vorige week een mailtje over een upgrade van de luchtvaartmaatschappij waarmee ze vliegt. Precies zoals je tegenwoordig online kunt inchecken. Maar dit was een poging tot fraude, en zij had het wel door..
Wat ik me afgelopen week realiseerde: het is zo fijn om uit te gaan van vertrouwen, ervan uit te gaan dat de meeste mensen het goed met je voor hebben, er zelfs van uit te gaan dat anderen jou ongeveer net zo leuk vinden als jij hen. En dat er dus geen reden is de ander te tillen, te liegen, te bedriegen, te befrauderen. Maar dat is dus net even te vaak niet zo.
Maar, volgende maar, ik wil niet leven in een constante staat van wantrouwen. Al was het maar omdat er al zoveel wantrouwen wordt verspreid, vaak met een politiek doel, tegen instanties, de overheid, de media of specifieke groepen mensen. En ik echt geloof dat dat wantrouwen een samenleving schaadt, dat het ons menszijn schaadt.
Eigenlijk heb ik een woord nodig dat betekent: blijf uitgaan van vertrouwen in de ander, maar wees heel erg oplettend waar dat helaas nodig blijkt.
Laatste columns
Trouw | Waar spreken we af...?

Column
Waar spreken we af als we elkaar kwijt zijn is, denk ik, het mooiste thema uit een voorstelling die ik afgelopen donderdag zag. Ik zat met 1700 anderen in een zaaltje langs de Amstel in Amsterdam – Carré, u heeft er vast weleens een kerstcircus gezien – om Jochem Myjer’s Net Alsof over me heen te laten komen. Jochem is een vriend van me, ik ken hem (in ons vak) als sinds zijn eerste voorstelling Gegabber uit 1998, we maakten soms samen radio (Leuk=Anders, Spijkers met Koppen) en als hij me een kaartje weet toe te schuiven voor zijn altijd uitverkochte voorstellingen zie ik hem ook graag in het theater. En zeker op het mooiste podium van dit land.
Een toch-wel-krankzinnig detail nog, ik zat naast Freek de Jonge, een man die zelf ruim 300 keer op dat Carre-podium stond. Reden voor mij om, toen ik na afloop een foto van ons drieen postte, er De Grote Twee en een Half onder te zetten.
Jochem is voor mij zonder twijfel de grootste komiek in ons theater, hij heeft een verbluffend hoge energie en (soms) tempo, hij stapelt grappen en stemmen en typetjes en verhalen uit zijn leven, hij weet in korte liedjes een geheel andere toon te vinden, en als je even denkt adem te halen knallen er weer snoeiharde beats door de zaal in een tempo dat je hartslag maar net aankan. En ondertussen is hij persoonlijker dan ooit, door te vertellen over zijn eigen leven dat anders liep dan gehoopt, over zijn ouders die een zwaar auto-ongeluk maar net overleefden, over een vriendinnetje van vroeger die hij als puber zo graag gezoend had en er nu niet meer is, over zijn kinderen, en daarmee vooral over de realisatie dat we elkaar, als geliefden en vrienden en familie en mensen die toevallig in dezelfde stad wonen (in zijn geval Leiden, maar dat kan natuurlijk ook Loosdrecht zijn, Den Haag, Apeldoorn, Amersfoort, Doetinchem, Ter Apel) zo nodig hebben.
Jochem raakt op geen enkele manier aan de politiek van nu, of aan wat er in de maatschappij gaande is. En ik weet ook heel zeker dat de meerderheid van de 1700 in Carre donderdag een andere politieke voorkeur hebben dan die twee magere bebrilde cabaretiers in Loge 5. Maar dat maakt helemaal niks uit, dat deed niks af aan de eenheid die ik voelde in die zaal. Allemaal mensen die hetzelfde meemaken als de man op het podium, liefde, hoop, verlies, verdriet, worsteling, vriendschap, allemaal mensen die ruim twee uur van de ene schaterlach naar de volgende worden geduwd, en zich ook na afloop afvroegen waarom ze tranen over hun wangen voelden.
Laat ik voor mezelf spreken: omdat we allemaal mensen zijn die de dingen meemaken waar Jochem over praat, omdat we allemaal willen lachen en soms even heel stil zijn. Omdat we willen dat menselijkheid het wint van hardheid, omdat we geen nog hardere politieke woorden willen en vuurwerkbommen en brandstichting, maar een poging het samen op te lossen, en een plek te vinden voor mensen die niet te bevatten ellende zijn ontvlucht.
We zoeken allemaal een plek om af te spreken als we elkaar kwijt zijn.
Laatste columns
Trouw | Ongelijk

Column
Vele jaren geleden, toen ik met m’n linkse hoofd nog weleens bij een NPO-talkshow mocht aanschuiven, om de gesprekken soms een klein beetje uit de rails te helpen, of om gewoon eens een vraag te stellen die voor presentator Pauw of Jinek of Witteman wellicht een beetje te ver ging, zat ik eens ingeklemd tussen toen-leidende politici Bolkestein en Pechtold. Het ging op enig moment over het wat zwaarder belasten van mensen met grote vermogens, en wie weet ook gelijk wat doen aan de nauwelijks belaste megawinsten van bedrijven met megawinsten. De heren naast mij vonden dat maar een slecht idee, de term jaloeziebelasting viel.
Ja, ook toen al was het VVD-beleid om iedereen die al heel veel heeft niet aan te pakken, en ja, ook toen al vond D66 het geen enkel probleem daarbij aan te haken. Ondertussen, dat las u onlangs, is na vele jaren van (vooral) VVD-beleid de ongelijkheid in ons land alleen maar toegenomen. Omdat bedrijven en multinationals wegkomen met zo min mogelijk belasting betalen (belastingontwijken wordt dat genoemd, een beetje zoals door rood scheuren stoplichtontwijken is), omdat vermogens en overerven niet te zwaar belast worden, en omdat allerlei ander beleid, en geopolitieke ontwikkelingen eigenlijk nooit in het voordeel werken van mensen die wat minder hebben, die het wat minder hebben. Ik bedoel, de ‘hoge prijs aan de pomp’ door de gestapelde krankzinnigheid van Trump en de zijnen aangaande Iran is voor iedereen die moet tanken vervelend (mijn vouwfiets rijdt vooral op spierkracht), maar de onwaarschijnlijk toenemende winsten gaan naar de fossiele bedrijven (en die hebben al heel veel) en hun aandeelhouders (en daar geldt hetzelfde voor, plus dat zijn meestal niet de mensen die de aanbiedingen bij de Aldi staan te bestuderen, om hun gezin redelijk te kunnen voeden.
Ondertussen neemt ook wereldwijd de ongelijkheid extreem toe, deels omdat ook daar heel veel mensen wonen zonder aandelen in Big Oil of AI, deels omdat alles dat lijkt op ontwikkelingssamenwerking, en zelfs internationale samenwerking uberhaupt, onder invloed van genoemde laureaat van de FIFA peaceprize, en vele andere populisten keihard wordt afgebroken. Je zou het schandelijk kunnen noemen, dus dat doe ik bij dezen.
Vanavond spreek ik op een bijeenkomst van OxfamNovib en Pakhuis de Zwijger in Amsterdam, over ondermeer de vernietigende gevolgen van toenemende ongelijkheid, en dat doe ik omdat ik nog oprecht geloof in (internationale) solidariteit, en het op geen enkele manier te verdedigen vind dat bedrijven en multinationals belastingen die ze moeten betalen weten te ontlopen. Dat is niet ‘volgens de regels’, dat is niet ‘slim’, dat is gewoon diefstal. Diefstal van de mensen en plekken waar dat geld besteed zou kunnen en moeten worden, diefstal van zorg en onderwijs en veiligheid en welzijn van iedereen. Terwijl de mensen waar ik het eerder over had, met hun hoge inkomens en vermogens en naderende overerving van de vorige generatie, zich helemaal nergens zorgen over hoeven te maken. En de hardwerkende Nederlander, waar de VVD voor zegt te staan, wordt er elke keer weer een beetje slechter op, en onze hele maatschappij al helemaal.
En nee, geachte lezer, ik treed volgende week niet in dienst als hoofd Communicatie bij KPMG.
Laatste columns
Trouw | Grapjes

Column
Afgelopen week ging het in alle media, zoals elke week eigenlijk, weer veel over de oranjegekleurde vastgoedhandelaar die op zoveel mogelijk manieren de wereld (en haar economie) in een wurggreep houdt. Zijn versie van het Correspondents Dinner, en de nasleep ervan, was ditmaal de, nee een, aanleiding. Het CD is een fijne combinatie van politiek en amusement, waarbij de leider van het land in een speech die vaak licht van toon is duidelijk maakt waar hij (heel vaak hij, ja) voor staat, waarna een comedian de kans krijgt in een even lange speech de leider, de politiek en iedereen in de media die daar wat van vindt met de grond gelijk te maken. Met grapjes, ja, want dat is daar een perfect middel voor.
Het toont wat mij betreft zowel de kracht van de democratie aan, als het belang van satire. We nemen de leider serieus, als leider, maar geven ook iemand het woord die daar heel anders naar kijkt. Met grapjes. En, voor de goede verstaander, meer dan dat. Inhoudelijke kritiek, persoonlijke ergernis, een paar betere ideeën dan die van de coalitie.
De enige keer dat het CD in Nederland werd gehouden – Twan Huys had er in de VS van genoten en kreeg de kans de Nederlandse versie te produceren – was Rutte onze leider, en uw columnist de comedian. Ik deelde een kleedkamer met hem, Halina Reyn was zijn tafeldame, zijn team had goede tekstschrijvers ingehuurd, zodat hij zijn politieke ‘visie’ met wat humor kon larderen. Dat lukte, hij is een soepele spreker.
Ik sprak hem daarna op het podium aan op van alles, zeker op zijn pogingen in de Senaat met het SGP samen te werken. Was toen nodig voor een meerderheid aldaar, kunnen we ons nu niks meer bij voorstellen. Rutte had gezegd ‘het SGP is een sympathieke club mensen met interessante ideeen’, en kwam daarmee weg. Met zijn lach. Maar niet bij mij. Ik zei als je het SGP kunt neerzetten als ‘een sympathieke club mensen met interessante ideeen’ kun je Ku Kux Klan ook duiden met ‘een hechte vriendengroep met een aparte kledingkeuze en veel buitenactiviteiten’. Dat is een grap, maar zegt ook iets over, in dit geval, de methode-Rutte. En mocht u al willen mailen dat het een schande is dat ik de SGP met de KKK vergelijk, bespaar uzelf de moeite en lees rustig wat ik wél schrijf, en bedoel.
Trump had, natuurlijk, niet de durf een comedian te vragen om zijn persoon, zijn regering, zijn wanbeleid en zijn hemeltergende corruptie aan de kaak te stellen (met grapjes!), hij zou een goochelaar laten optreden. Die, naar ik aanneem de volledige Epsteinfiles zou wegtoveren, samen met de oorlogsmisdaden van de VS en Israel, en de ziektenkostenverzekering van heel veel hardwerkende Amerikanen.
Het kwam er niet van, vanwege een aanslag (?) die óf bewees dat de Trumpisten graag aanslagen in scene zetten als de aandacht afgeleid dient te worden, óf dat de President van de VS de slechtste security heeft sinds Gerard Joling in Boerhaar, Overijssel.
Ik geloof dat satire een belangrijke rol speelt in een democratie, en satirici de mond proberen te snoeren (Jimmy Kimmel!) veel zegt over de echte intenties van een leider.
Laatste columns
Trouw | Feestdag

Column
Ik begin vandaag met een regel die feitelijk kloppend, maar wellicht niet al te opzienbarend is: kinderen zijn kinderen zijn kinderen, waar ze ook wonen, waar ze ook zijn.
Maar dan Koningsdag. Ik zal alle festiviteiten missen, deze maandag, omdat ik elders vertoef. Ik gun mezelf een dag of 12 ‘vrij’ waarbij vrij tussen aanhalingstekens staat omdat ik vooral schrijvende ben, aan mijn komende oudejaarsvoorstelling en aan een bundel gedichten en liedteksten die kort na de zomer de bestsellerslijsten moet bestormen ik bedoel natuurlijk een selecte groep liefhebbers zal gaan bereiken.
Voor mij heeft Koningsdag vooral met herinneringen te maken, en dan gaat het bijna automatisch over Koninginnedag. 30 april. Waarbij ik me nu realiseer dat mijn vader (hij was van 1933) altijd volhield dat Koneginnedag (dat was de uitspraak) op 31 augustus was en altijd hoorde te zijn, omdat die traditie inclusief datum in zijn dorp in Overijssel gewoon werd volgehouden. Omdat de lang-geleden-Koningin, ons langstzittende staatshoofd ooit, Wilhelmina, op die dag verjaarde. Beter weer ook, vaak.
Wij, zijn vele kinderen, waren met de moderne tijd meegegaan, en vierden Koninginnedag, samen met steeds meer mensen leek het elk jaar, in Amsterdam en op die laatste dag van april. Veel van mijn oranje herinneringen komen ook uit die tijd. Eén beeld dat ik nooit vergeet: ik was, begin jaren tachtig denk ik, op de Lijnbaansgracht in Amsterdam. Het was druk, het liep vol, iedereen bewoog en niemand echt dezelfde kant op. Iets verderop zag ik een man, die een plant in een pot meetorste. Vermoedelijk een kamerplant, maar dan had de man minimaal één grote en best hoge kamer. De plant was zeker twee meter hoog. Het moet zo gegaan zijn: vroeg op de dag kwam deze in feloranje gehulde man een groenverkoper tegen, randje Amsterdam-West. Of op de Rozengracht, nog mooier. Hij zag die plant, precies wat hij zocht voor zijn grote hoge kamer, en vanwege de feestdag heel redelijk geprijsd. 15, misschien 20 gulden, denk ik. Die kón hij niet laten staan. Met als gevolg dat hij de rest van de dag, ik zag hem rond een uur of 11 ’s ochtends, met dat kleine stuk oerwoud door een steeds maar groeiende en dronken-wordende menigte ging laveren. Om uiteindelijk met die plant en die iets te zware pot in een veel te volle trein te stappen om….ik was zo blij dat ik niks hoefde en niks zou kopen. Mensen kijken en overleven, dat was voor mij voldoende. En blijven staan bij rammelende bandjes, waarvan je geregeld dacht dat ze maar 1 keer per jaar speelden, maar dat dat hun enthousiasme niet minder maakte.
Het mooist vond en vind ik altijd de kinderen, de twee meisjes met viool in het park, de vriendjes die zelf iets onduidelijks gebakken hebben en na elke succesvolle verkoop hun euro’s tellen, de broers die een behendigheidsspel bedacht hebben en steeds brutaler worden in het ronselen van deelnemers. De lol, het samen vooral. Je zou het vandaag de kinderen op de Westbank, in Soedan, in Beiroet, in Iran, in Myanmar, in Dnipro, in Gaza ook zo gunnen. De lol, het samen, de veiligheid vooral. Want kinderen zijn kinderen zijn kinderen, waar ze ook wonen, waar ze ook zijn.
