Druktemaker | Fatsoen
Month: augustus 2025
Morgen begin ik aan de jaarlijkse tour met mijn oudejaarsvoorstelling, dit keer onder de vlag ONGEKEND (in bijna Trumpiaanse capslock). Ik ga, is het idee, tot 1 januari zo’n 75 voorstellingen spelen en ik verheug me net zoveel op Heerde of Heiloo als op de grootste zalen van Leeuwarden of Rotterdam.
De politiek is mij goed gezind. En dan praat ik puur als satiricus want als mens vind ik de walmende shitshow van de afgelopen 1,5 jaar ook echt heel erg. Vorig jaar zei ik aan het begin van mn oudejaars ‘vroeger was de verdeling in ons land duidelijk: de politiek deed de politiek, en ik deed de satire’, waarna een diepe zucht voldoende was. Dit jaar zijn we nog wat verder in absurdisme en lelijke machtspolitiek weggezakt, waardoor het kabinet nu nog bestaat uit twee dolende partijen onder leiding van een man zonder eigenschappen die afgelopen zaterdag als ‘een waardeloze dag’ omschreef. Voor de meeste mensen is ‘een waardeloze dag’ iets met neerslag op je tuinfeest, of als je op net het verkeerde moment doorkrijgt wat ‘erectiestoornis’ eigenlijk behelst. Níet het verder in elkaar storten van een kabinet waarin absolute minkukels als Barry Madlener, Mona Keijzer en Reinette Klever gewoon een plekje kregen, waarin een minister van Landbouw etcetera kan vasthouden aan beleid dat op geen enkele manier nog verband houdt met de realiteit of met wat dit land nodig heeft – ik noem schoon en voldoende water, ruimte om te bouwen, minder mest en dierenleed en natuur in overvloed – en waarin evenveel gezelligheid en samenwerking te constateren was als in een ontmoeting tussen, zeg, Jan Slagter en Eus.
We hebben nog aardig wat waardeloze dagen te gaan, ben ik bang, deze week nog krijgen we te horen welke bestuurlijk zwaargewichten van de BBB en welke opportunisten der VVD ook nog minister gaan worden, en daarna mogen we ons democratisch recht gaan uitoefenen in een stemhokje met wappergordijn.
En als Frans Timmermans en de zijnen nou niet heel snel een combinatie vinden van activisme, menselijkheid en linksig populisme, zou het weleens kunnen dat het CDA er eind oktober met de buit vandoor gaat.
Voor mij reden genoeg om even te kijken waar die partij tegenwoordig voor staat. Dat blijkt fatsoen te zijn. De titel van de plannen is namelijk Een Fatsoenlijk Land, met een dikke groene punt daarachter. Ik hoop van harte dat dat niet het enige groene zal blijken, in de Bonteballenbak. Volgaarne zou ik nu alle CDA-plannen met u doornemen, of hun ’15 keuzes voor een fatsoenlijk land’, maar dan zou deze druktemaker zelfs in mijn spreektempo zeker tot kwart over 1 in beslag nemen, vandaar dat ik alleen even inga op fatsoen. Fatsoenlijk.
Aan de ene kant een wat ouderwets woord, vroeger werd je geacht, zeker als meisje of vrouw, fatsoenlijk te zijn. En laat ik het netjes zeggen: dat leverde je geen spetterend seksleven op, en niet zo’n gelukkig leven überhaupt. Fatsoen heeft te maken met je gedrag, en dat heeft weer te maken met normen waaraan je je moet houden. Waarna natuurlijk de echt belangrijke vraag is: wie bepaalt die normen?
Fatsoen is gelukkig ook prettig met elkaar omgaan, oog hebben voor elkaar, aandacht geven aan wie dat nodig heeft, solidariteit in je directe omgeving en met de wereld waarvan je onderdeel bent, en het gesprek aangaan zonder beledigingen, beschuldigingen en minzame Yesilgöz-lachjes.
Een fatsoenlijk land verkleint inkomensverschillen en zorgt ervoor dat niemand in armoede leeft.
Een fatsoenlijk land zorgt ervoor dat meisjes en vrouwen op elke plek veilig zijn.
Een fatsoenlijk land laat winsten en economische groei niet gaan voor welzijn en natuurbehoud.
Een fatsoenlijk land zorgt ervoor dat het supermarkt-aanbod niet voor ruim 80% ongezond is.
Een fatsoenlijk land staat niet toe dat een bedrijf in Wijk aan Zee decennialang mag vervuilen, zijn vervuilende restproducten nog steeds mag blijven gebruiken en miljardensteun kan claimen om op termijn te verduurzamen en mensen in de omgeving geen kanker en astma meer te bezorgen.
Een fatsoenlijk land staat nergens toe dat de agrarische activiteit van de een middels sproeien van bestrijdingsmiddelen de ander leukemie of parkinson bezorgt.
Een fatsoenlijk land stelt zich met echt alle middelen teweer tegen een bevriende natie dik 4000 kilometer verderop die al ruim 22 maanden lang een bevolking verjaagt, bombardeert, uithongert en anderszins vermoordt.
Een fatsoenlijk land: ik ben ervoor!
Laatste columns
Trouw | Offensief van menselijkheid

Month: augustus 2025
Ruim een week geleden opende ik mijn theaterseizoen op een open plek in het bos, vlakbij Openluchttheater Caprera in Bloemendaal. Ik was onderdeel van het Walk On festival, bedacht door zanger, liedjesschrijver, bluegrass-afficionado én wandelgoeroe Tim Knol. Ik speelde vier keer, elke keer voor ruim 200 verse wandelaars. De plek was prachtig, het weer precies goed en ik had de vrijheid om werkelijk álles te spuien dat me te binnen schoot over wandelaars, hun kledingkeuzes, kleedjes en klapstoeltjes, de echtscheiding en/of burn out die ze wandelend aan het verwerken waren en hun mogelijk wankele belastingmoraal (dat ging dan alleen over mensen uit de regio die in een huis wonen met een hek en een toegangscode!). Maar natuurlijk had ik het vooral over de politieke en sociale werkelijkheid waarmee we te maken hebben, in ons land, en wereldwijd. Er zijn zeg maar dingen waarvan je niet kunt wegwandelen.
Ik deelde, los van een kritische blik op het huidige ‘kabinet’ een stukje uitleg over de absolute krankzinnigheid van doorgaan op de huidige weg van economische groei en meer vrijheid voor ondernemers, terwijl de planetaire grenzen elke dag verder worden overschreden én ondernemers nu al de vrijheid hebben om te vervuilen, vernietigen en personeel uit te buiten, om over dierenleed en aantasting van de volksgezondheid nog maar te zwijgen. Daarnaast ging ik in gesprek met VVD- en NSC-stemmers met (meestal) enige spijt-gevoelens, maar ook vertelde ik een diep-menselijk verhaal over een optreden dat ik zou gaan doen voor directie en middenmanagement van Jumbo, dat werd afgeblazen op het moment dat ik zei dat ik graag contant betaald wilde worden (en dan het liefst het geld in plastic zakjes) omdat ik het dan makkelijker in de koelkast kon bewaren.
Maar het opvallendst was dit: ik deelde een nieuw gedicht, eigenlijk een oproep aan alle politiek leiders – rechts, links, populistisch of christelijk gemotiveerd – om uit de maar voortgaande draaikolk van tweets, X-posts, one liners en gemakkelijke oplossingen voor de talkshowtafel te stappen, en op zoek te gaan naar menselijkheid, naar politiek met en vanuit het hart, naar solidariteit met al de mensen die in het huidige systeem ten onder gaan, omdat ze denken dat de politicus op tv het voor ze gaat oplossen, terwijl de sociale onrechtvaardigheid alleen maar toeneemt, empathie met al die mensen die ontheemd zijn of op de vlucht of woonachtig zijn in de laatste resten van wat ooit Gaza was.
Na elk optreden sprak ik mensen met tranen in de ogen, wat bij een comedy-show niet de normale gang van zaken is. Ik krijg steeds sterker het gevoel dat veel mensen, juist in de verhardende tijden die ik beschrijf, behoefte hebben aan menselijkheid, aan er voor elkaar zijn, aan weten dat de ander er ook voor jou is. En die ander kan die buurman zijn die jou, op leeftijd en slecht ter been, letterlijk overeind helpt als dat nodig is (de Stichting Burgerhulpverlening van huisarts Bernard Leenstra probeert dit te bewerkstelligen: als iemand even hulp nodig heeft niet de huisartsenpost of zelfs de ambulance inschakelen, maar iemand in de straat), maar evengoed de overheid die je bijstaat of zelfs beschermt op elke manier die nodig is. Het lijkt me, eerlijk gezegd, als politiek leider ook heerlijk, om uit de walm van Wierd Duks en Jack van Gelders te kunnen stappen, en als mens met mensen te praten, over menselijke oplossingen.
Laatste columns
Trouw | Stukje menselijkheid

Month: augustus 2025
Het kan zijn dat ik er speciaal op let, of gevoelig voor ben, maar ik geloof dat iedereen het best vaak tegenkomt: stukjes menselijkheid, iets doen voor een ander, wat extra aandacht geven aan iemand die dat nodig heeft. Dingen doen voor een ander, gewoon op gevoel, en niet omdat je er zelf beter van zou worden. Dat je terugkomt van vakantie en je planten je meteen duidelijk maken dat de buurvrouw van 4 huizen verderop een paar keer per week is binnengelopen, met haar grote gulle gieter.
Dat ik met een los voorwiel inclusief heel erg lekke en versleten band de fietsenmaker verderop binnenloop, en dat hij, terwijl ik een mooi gesprek heb met zijn beste vriend (over ‘beroemd zijn’ en herkenning en reacties van allerlei mensen), er even snel een splinternieuwe binnen- en buitenband omheen-flanst (ja, dat is een werkwoord, flansen, althans, wel in de wereld van fietsenmakers). Ik ging ook nog op de foto met zijn grijnzende vriend, want ‘zijn vrouw is een echte fan van mij’. En ik vertrok dus binnen 15 minuten weer volledig mobiel.
Dat ik mijn moeder aan de lijn heb – negentig ondertussen, en dat zou je echt niet zeggen, want al die rimpels had ze 15 jaar geleden ook al – en dat ze vertelt over haar dagelijkse wandelingen (3 uur in totaal, ik verzin hier helemaal niks), en dat het weleens voorkomt dat ze, op een hoek, bij een kruispunt, even stilstaat om rustig om zich heen te kijken. Ze is negentig hè, ze heeft de tijd. En hoe vaak het dán voorkomt dat iemand haar vraagt of ze oké is, of ze wellicht verdwaald is? Waarop zij dan antwoordt ‘nee hoor, dank u wel, ik ben niet dementerend, ik ben gewoon heel oud’. Als ze me dat vertelt vind ik het zowel ontroerend, de behulpzaamheid en oplettendheid van mensen, als heel grappig. Meteen daarna hebben we het trouwens weer over het boek dat ze aan het lezen is, of de temperatuur die wat haar betreft nu wel weer een flink stuk naar beneden mag.
Waarom ik deze voorbeelden met u deel? Omdat ik geloof dat heel veel mensen – lezers van deze prachtige krant, stemgerechtigden ook – behoefte hebben aan meer menselijkheid, meer menselijk gevoel in de politiek. Ik denk dat ik niet de enige ben, die in een politiek leider emotie wil zien, twijfel, oprechte betrokkenheid. Ja, ze worden geacht te leiden, en ja, ze staan op de poster en de flyer en schuiven aan de talkshowtafel aan, maar ik zou zo graag minder one liners horen (laat staan posts op X), minder door een team van voorlichters bedachte tactiek en ingestudeerde zinnen (‘ik sta aan jouw kant’, ‘wij staan voor de hardwerkende Nederlander’, ‘we strijden tegen de islamisering’, ‘geef ondernemers meer vrijheid!’), minder hardheid, en meer menselijk gevoel. Menselijk gevoel, voor Gaza, voor ontheemden die op zoek zijn naar een veilige plek, voor mensen die de snelle maatschappij mentaal gewoon niet aankunnen, voor mensen die elke dag de stress van schulden of armoede voelen. Eigenlijk mensen precies zoals wij, inderdaad.
Laatste columns
Trouw | Doorgrond

Month: augustus 2025
Het feit dat ik u (bijna) 4 weken niet toesprak op deze plek had volledig te maken met een stukje rust, een stukje herstel, een stuk vakantie aan mijn kant. Camper, Frankrijk, Vendee (doet me altijd denken aan Touretappes met vreselijke zijwind, waaiervorming in het peleton en klassementsrenners die tijd verliezen op een plek waar dat helemaal niet nodig was geweest) en de kust ten zuiden daarvan.
Ik sta, in die weken, grotendeels ‘uit’, hoef niks, heb geen deadlines, geniet van de omgeving, de zon, de hardloopkilometers en natuurlijk de allerliefste die het aandurft, weken met mij in een camper. Soms sta ik even ‘aan’, omdat mijn hoofd nou eenmaal zo werkt. Meestal levert dat poezie op – een gedicht over het gebrek aan menselijkheid in de politiek-anno-nu, voor mijn oudejaarsvoorstelling Ongekend, een liedtekst over tegen alle tegenslag in tóch optimistisch blijven – soms toch (uiteindelijk) een column. Over de onaanvaardbare politieke lafheid aangaande Gaza produceerde ik twee keer een JANSENPRAAT op de socials, maar ook mijn (geregelde) Trouw-thematiek kwam langs. Bij het binnenlopen van een dorp zag ik een bord met Terre saine – Commune sans pesticides. Zelf met mijn aujourd-hui minimale Frans begreep ik dat dat een verwijzing is naar gezonde grond, gezonde aarde, en dat dat bereikt wordt door geen pesticiden toe te staan.
De volgende dag las ik een artikel over de toenemende protesten in Frankrijk tegen het wel toestaan van allerlei pesticiden – ik noem het nogal eens landbouwgif, anderen liever gewasbeschermingsmiddelen – door Macron en de zijnen. Het lijkt er sterk op dat de regering is gezwicht voor sterke druk vanuit ‘de sector’, waarvan ik dan altijd weer denk dat die druk eigenlijk komt vanuit de bedrijven die de RoundUps, parathions en paraquats produceren. Want dat is een miljardenbusiness, want zij maken de boeren wijs dat het niet anders kan, want zij schermen met twijfelachtige rapporten en spelen in op angst aangaande voedselzekerheid. En als u denkt: er is een regeringspartij die al deze dingen ook doet, ja, dat klopt.
Het dorp was trouwens ook nog een Village Fleuris (ondertitel: ‘een nationaal label voor kwaliteit van leven’), overal bloemen en bloeiende planten en bomen, en alle bermen oogden ongemaaid. Prairie, noemden ze dat. Prettig voor insecten, natuurlijk, prettig voor het oog, goed voor kwaliteit van leven.
En juist vanwege dat laatste begrijp ik zo goed dat velen – miljoenen in Frankrijk, wellicht evenveel bij ons – zich verzetten tegen het huidige gifgebruik en –beleid. Omdat het op geen enkele manier te aanvaarden is dat de economische activiteit van de een – leliekweker, bollenboer – jouw gezondheid zo in gevaar kan brengen. We hebben als inwoner van een beschaafd land het recht daartegen beschermd te worden uitroepteken.
Afgelopen donderdag bracht deze krant me natuurlijk (ook) hoop: uitvinders in Groningen, met verheugende bedrijfsnamen als Croptimal en Doorgrond, werken aan een precisielandbouwapparaat dat zieke aardappelplantjes kan (helpen) opsporen (en meteen laten verwijderen) voordat ze hun ziekte verspreiden, en dat betekent weer dat er tot 90% minder bestrijdingsmiddelen nodig zouden zijn.
De politiek gebruikt de belofte van innovatie nog wel eens om verder niks te doen, in Ulrum en omgeving gebeuren gelukkig echt mooie dingen.
Laatste columns
#JANSENPRAAT | Stel je voor...
Month: augustus 2025
Stel je voor dat het donderdagochtend vroeg is, en Dick Schoof schrikt wakker. Van de ochtendkranten. Trouw, Volkskrant, AD en Telegraaf, in een grote plof van drukinkt, nieuws en propaganda op de glimmende tegels in de hal.
Schoof heeft geen zin, in al die kranten, hij heeft geen zin in weer foto’s van stervende kinderen in Gaza, hij heeft geen zin in weer columnisten die hem op de feiten wijzen, op zijn verantwoordelijkheid, op zijn plicht. En opeens denkt hij: ik stop ermee, IK STOP ERMEE, mijn gedraai en getreuzel en ge-helemaalniks, ik stop met mijn angst voor Wilders en mijn ontzag voor Yesilgoz en mijn medelijden met de resten van het NSC. En van der Plas kan helemaal in de walmende drijfmest wegzakken, met een beetje mazzel komt Henk Vermeer haar redden en verdwijnt ie ook in de stront, en kan die nep-minister van Landbouw, die namaakboerin op naaldhakken, dan een onderzoek aankondigen om te zien of ze zijn verdronken in een overschot aan mest, of dat de veestapel in Nederland in elk geval niet mag krimpen en dat zij dat persoonlijk in Brussel gaat regelen. Als iemand daar haar nog te woord wil staan althans. Denkt Schoof. En hij voelt zich bevrijd. Hij realiseert zich dat hij helemaal niks meer te verliezen heeft, hij is de slechtste minister-president ooit, van het wankelste wrakhoutkabinet in de geschiedenis van de mensheid. Het hangt van de ruzies, halve compromissen en gaffertape aan elkaar, aangevuld met onderling wantrouwen waar de gemiddelde doodgebloede relatie nog een puntje aan kan zuigen, en grotendeels samengesteld uit mensen die gewoon helemaal niks kunnen, behalve aan een talkshowtafel mild racisme verstoppen in glimmend populistisch inpakpapier. Het zogenaamde Mona Keijzer-principe.
En dus zegt Schoof in het debat tegen Wilders: moet u luisteren, koning van de peilingen, zolang u racistische verkiezingsposters verspreid, zolang u ministers levert waarbij vergeleken Sofie Hermans veel heeft bereikt, zolang u een Kamerfractie heeft die een combinatie is van mak stemvee en steeds-weer-absenten, zolang u denkt dat het steunen van genocide en etnische zuivering een goed idee is in uw kansloze strijd tegen een wereldreligie, wil ik u helemaal niet horen. Ga lekker campagne voeren op Urk!
Daarna zegt Schoof tegen SGP en CU dat ze geen enkel recht van spreken hebben over Israel en Gaza zolang ze middels Gristenen voor Israel op grond van een krankzinnig verhaal van een beloofd land in een heilig boek de steeds heftiger illegale kolonisatie van de Westbank blijven steunen.
Tegen Yesilgoz zegt Schoof: follow the money, Dilan. Nederland heeft meer investeringen en zakelijke belangen in Israel dan enig ander Europees land, spreek ze aan, die bedrijven en investeerders, namen en shamen, hop hop, en biedt gelijk even je excuses aan aan Douwe Bob die je voor de bus probeerde te gooien.
Ah, JA21 bij de interruptiemicrofoon, Schoof krijgt er steeds meer lol in: moet u luisteren, Eerdmans, ik heb geen zin in omfloerste antisemitisme-beschuldigingen en weer wennen aan een nieuwe bril, ga wat doen met uw leven, solliciteer als voorzitter van een speeltuinvereniging in Spijkenisse en hoop en bidt dat u de enige kandidaat bent. Wegwezen. En neem van de Plas en Vermeer mee alsjeblieft, zolang ik hier nog de baas ben ruikt het hier niet naar mest, maar naar eerlijkheid.
Schoof voelt, hij begrijpt er zelf ook niks van, menselijkheid opborrelen. In plaats van politieke tactiek, in plaats van de kool en de geit sparen en daarmee toestaan dat een volk wordt uitgemoord, hij begrijpt opeens waarom zoveel mensen de afgelopen 15 maanden gillend gek van hem zijn geworden.
Nooit vond hij echt iets, nooit durfde hij iets, hoe prominenter de wallen onder zijn ogen werden hoe zwakker zijn leiderschap. En elke keer, elke keer, als het over Gaza en Palestijnen en oorlogsmisdaden en etnische zuivering en geplande uithongering en dreigende concentratiekampen ging, kwamen er nog meer nietszeggende zinnen uit zijn mond, over stille diplomatie en historische banden en recht op verdediging en een ontboden ambassadeur. Terwijl de bombardementen met Nederlandse steun doorgingen, terwijl kinderen moeders vaders hulpverleners en journalisten vermoord werden, terwijl het IDF elke dag weer tientallen wanhopige mensen op zoek naar meel en water doodschoot.
En toen zei Schoof, op donderdag 7 augustus om half zeven ’s avonds: we verbreken alle banden met moordstaat Israel. Alle militaire banden, alle zakelijke banden, alle investeringen, alle tegoeden worden bevroren, we gaan de Palestijnse staat erkennen, en minister Veldkamp gaat morgen mee met de eerste voedseldropping. We droppen Casper samen met de 16000 kilo voedsel, aan een eigen parachute. Kan hij beneden de boel coordineren.
En de boodschap een Nethanyahu is deze: alle grenzen open, alle hulpgoederen toelaten, alle militaire actie per direct stopzetten.
Dat. Vandaag. Stel je voor.


