Dolf Jansen

Columns

Goed doel

Verschenen in Lopend Vuur op

Topatleten zijn sterren. Wereldsterren soms. Beroemd, rijk, glamoureus. Ze hebben een bijzonder talent, ze leveren bijzondere prestaties, ze zijn  bijzonder. En dan is het mooi om te zien, vind ik, als  een topatleet zich inzet voor iets anders dan de prestatie, het trainingsschema, het kampioenschap. Al was het maar omdat een topvoetballer met een zwart-wit bandje om de pols, en het verhaal wat daarbijhoort, meer losmaakt bij mensen dan de hele Algemene Vergadering van de VN bij elkaar. En wellicht uiteindelijk meer mensen doet nadenken over racisme dan een goedbedoelde campagne of stapel folders ooit kan.

Dan kan het over grote zaken gaan, als racisme of honger of ongelijkheid op wereldschaal, maar net zo goed over iets dat in de buurt speelt, of in het land waar je woont. Johan Cruijff heeft zijn Foundation, net als Richard Krajicheck, ik zag vorige week voetballers van Ajax met een groep jonge nierpatientjes in de slag (de wedstrijd bijwonen, een shirtje, wat handtekeningen, wat aandacht van iemand die ze fantastisch vinden), ik werd benaderd door een Nederlandse Olympier die een stichting opzet om in zijn woonplaats te bewerkstelligen dat ook kinderen die het niet kunnen betalen lid kunnen worden van de  sportclub. Zo simpel, en zo doeltreffend. Omdat sport goed voor je is, en leuk, natuurlijk, omdat er misschien talent bijzit dat anders nooit ontdekt zou worden, maar vooral omdat samen sporten, samen spelen, banden opbouwt, tussen kinderen, tussen ouders, tussen groepen die elkaar anders niet of moeilijker zouden treffen. En als je elkaar kent, als je samen sport, ga je elkaar begrijpen. Zo’n initiatief is dus in die ene plaats van belang, maar eigenlijk in alle plaatsen.

En het is, voor mij, weer een voorbeeld van hoe je zelf iets kan doen dat verschil maakt. Een klein verschil, soms, maar dat mag nooit reden zijn het niet te doen. Ik speel momenteel een voorstellling, Dolfdurft!, die gaat over wat mij bezighoudt, wat ik zie gebeuren, in de grote wereld en vlak om me heen. En ik probeer duidelijk te maken hoe je eigen gedrag, hoe wat je zelf doet of niet doet, invloed heeft op het grote geheel. Al was het maar omdat ik steeds meer denk dat het vooralsnog van onze ‘leiders’ niet gaat komen. Vandaar ook dat ik dit, nu, schrijf.

Uiteindelijk is de topsport hetzelfde als de ‘gewone wereld’: er zijn mensen die zich realiseren hoe de wereld in elkaar zit, hoe het verdeeld is, waarom dat zo is, en wat je daar wellicht zelf aan zou kunnen veranderen. En er zijn mensen die zich dat niet (willen) realiseren, of daar niks aan willen  veranderen. Ik probeer uit alle macht bij die eerste groep te horen, veel topatleten is dat al meer dan gelukt.