Dolf Jansen

Columns

Talking to myself

Verschenen in Havana op

John McEnroe was een groot tennisser met een zeker zo grote mond. Ik spreek nu van de jaren tachtig van de vorige eeuw. Hij slaat in 2007 ook nog wel eens een balletje, maar dat is dan meestal voor een goed doel, of voor heel veel geld en met het dringende verzoek of hij ergens tijdens die partij die nergens om gaat – tegen Borg of Connors ofzo– minimaal een keer heel erg kwaad wil worden op de scheidsrechter. Want daar werd McEnroe, ook, heel erg bekend mee. Woede-uitbarstingen, scheldpartijen, rackets die versplinterden op het hardcourt. Omdat die bal toch echt in was, of juist uit, al naar gelang. Het leverde John geregeld boetes op, strafpunten, het kostte hem wel eens een partij. En menig tennisscheidsrechter uit die jaren nodigt hem nog steeds niet uit op de verjaardagsbarbeque. Denk ik.

Zo nu en dan verdedigde John zich, na zo’n woede-explosie, met de tekst I was only talking to myself! Wat ik eigenlijk erg grappig vind. Je bezigt tegen een man op een overdreven hoog krukje langs de baan tekst als ‘jij bent geen umpire, jij bent het stekeblinde kind van een schurftige hoer en een gesjeesde aviation-student, jij kan nog geen tennisbal van een asperge onderscheiden en uit je rochelende mond komt nooit een goede call maar wel de lucht van de zurige ontlasting van ...’ en als je dan door de man op zijn krukje wordt onderbroken en gewaarschuwd zeg je met je meest uitgestreken smoeltje ‘ik praatte in mezelf!’ Briljant. Hoewel er geregeld umpires waren die toch een strafje gaven aan McEnroe.

Ik denk dat John zeker wist dat zijn woede terecht was, en dat die bal echt uit was (of in), ik denk dat hij vond dat hij het recht had te uiten wat in hem zat. Zoals ik ook denk dat het heel goed zo zou kunnen zijn dat je, als je slaapt, geen enkele remming hebt op wat je zegt. Dat het heel goed zo zou kunnen zijn dat je in je slaap iets spreekt wat de waarheid zou kunnen zijn, in je diepste wezen, maar niet per definitie de waarheid die je graag, op dat moment, deelt met laat ons zeggen de partner. Al was het maar omdat de meeste diepe waarheden over haar, over hem gaan. Vanzelfsprekend.

Het gaat al jaren erg goed met mijn relatie, beste Matthijs. Ik weet dus vrij zeker dat ik niet praat in mijn slaap. En tennissen deed ik altijd tegen de kerkmuur. Die ik elke keer weer versloeg.