Dolf Jansen

Columns

Hardlopers, zachtlopers

Verschenen in Havana op

Eindelijk een vraag over mijn teennagel. Sterker nog, een bepaalde specifieke teennagel. En het antwoord, lieve Claudia, is ‘een blaar’. En dat is uitzonderlijk. Maar wel mijn eigen schuld. Onder het motto ‘eigen schuld, dikke blaar!’ Uitzonderlijk omdat ik eigenlijk nooit blaren oploop. Ik draag goede sokken en goedzittende (hard)loopschoenen. Loop nooit door met steentjes of anderzins in sok of schoen, verzorg mijn voeten goed, heb nauwelijks last van eeltvorming, echt hoor, ik kan zo lang doorpraten over mijn voeten als je maar wilt. En daarna nog wel even.

‘Hoe kom je dan aan die blaar, die uitzonderlijke blaar, Dolf?’, hoor ik Claudia, en met haar vele andere vaste lezers, zich afvragen. Dat zou zomaar te maken kunnen hebben met de tweede vraag die ze stelt. Aangaande hard- en minder hard lopen. Omdat ik laatst, zeg vorige week, een stuk minder hard gelopen heb. Waarbij ik moet toevoegen dat dat a. in de PC Hooftstraat was, b. op iets dat ‘pumps’ heet en c. dan ook nog met een jurk aan en een gitzwarte pruik op, kwa haar tot over mijn schouders, alsmede iets van make up en een overdreven grote zonnebril en...afijn, ik liep als een wijf. Sorry, ik liep als vrouw. Anders had ik daar ook helemaal niet mogen lopen, toen. Het was namelijk de jaarlijkse stillettorun, en dat heeft niks te maken met atletische mannen met uitklapmessen en heel veel met vrouwen op schoenen met hakken waarop je normaal voortbewegen al als een prestatie van formaat gezien mag worden, laat staan hard-. Lopen. Maar dat doen ze dus wel, een keer per jaar, zo rond Internationale Vrouwendag. Met hoofdletters inderdaad, al is het maar omdat het helaas in de huidige wereld nog steeds zo is (of lijkt) dat elke andere dag MANNENDAG is.

En uw dienaar heeft meegedaan aan dit spektakel. In drag, inderdaad, als vrouw -min of meer - en op die naaldhakken natuurlijk. Sjeezus wat loopt dat moeilijk. Ten eerste pasten mijn mannenvoeten eigenlijk helemaal niet in de gifgroene design-stappers die ik had mogen lenen van een grootgeschapen vriendin, en ten laatste heeft de Here Here de voet echt niet geschapen om in een soort diagonaal-omhoog-stand gebruikt te worden. Kwa lopen. En al helemaal niet hard. Binnen tien seconden na het startschot was ik maar wat blij dat ik deze ‘wedstrijd’ niet had uitgezocht ter comeback als serieus atleet, maar puur om me eens in te leven in de vrouw als beest. Want dat zijn vrouwen, als er op de streep duizenden euri aan shop-tegoed ligt. Ik was een beest, eventjes. En ben maar wat blij dat ik een man ben, met een blaar onder zijn teennagel.