Dolf Jansen

Columns

Pluk

Verschenen in Algemeen Dagblad op

Naar ik aanneem bent u allemaal naar de prachtfilm Pluk van de Petteflat geweest. Boek van Annie M.G. Schmidt, regie van Ben Sombogaart, glansrollen van van Muiswinkel, Schumacher en Terpstra, plus het is een verhaal over burgerlijke ongehoorzaamheid binnen de grenzen van normen en waarden. En dan wordt de Torteltuin nog gered ook, of heb ik nu alles verraden...?

Ik had er alleen zelf wat meer van verwacht. Van de film, of eigenlijk van de reacties op de film. Vanwege, inderdaad, mijn rol. In de film. Ja, lieve lezers, naast mijn succesvolle carriere als columnist in dit Magazine, schnabbel ik hier en daar wat bij. Ondermeer in de glitterwereld die ‘de Nederlandse Film’ heet. Lunchen met Antonie (Kamerling), ontbijten met Katja (Schuurman), douchen met Erika (Terpstra). En uiteindelijk beloond worden met een Gouden Kalf of ander boerderijdier van onbestemde kleur, een ster op de Walk of Fame in Almere-filmwijk, en als het heel erg meezit een rol als slecht-Engelssprekende derde-generatie-nazi in een B-film van Amerikaanse makelij die met wind mee net de DVD-schappen van Nederlandse winkelcentra gaat halen. Ja, lees die zin maar es terug, en weet dan waarom ik het doe, bijschnabbelen.

Zo speel ik in Pluk wellicht de rol van mijn leven als ‘nerveus konijntje’. Typecasting, noemen wij dat in de filmwereld. (Een konijn heeft heel veel sex, en dit konijn praat wat snel en gespannen; typecasting betekent dat je dan bij mij terecht komt). Vele tientallen keren heb ik in een studio de zin ‘jjja mmaar..jjja mmaar, dadadaar weet ik niniks van!’ ingesproken. En voelde ik me een ster. Tot mijn kinderen terugkwamen uit de bioscoop: ‘leuke film, papa, maar jouw stem hebben we niet herkend’.

The End